Hallo Nederland! Wederom een update uit het prachtige Californië, waar de zon schijnt, de lucht blauw is en vier Nederlandse studenten hun uiterste best doen om hun Hawaïaanse kleurtje niet te verliezen. We hebben weer veel avonturen beleefd sinds mijn vorige blog, dus ik begin maar snel. Afgelopen weekend zijn we naar Joshua Tree National Park geweest. Het weekend ervoor naar Disneyland. En ik moest nog een foto van de kalkoen online zetten, dat doe ik dus maar meteen, voor ik het vergeet.
Euh, dat is een kolibrie. Het is Esther eindelijk gelukt om die op de foto te krijgen, knap hoor! Maar goed, de kalkoen dus:Yup, dat is hem, de turduckan! Een kip in een eend in een kalkoen, met vulling om iedere laag heen. Dat ding was echt gigantisch. We hebben er met 17 man van gegeten en aan het einde van de avond was hij nog niet eens voor de helft aangesneden.
Dit was mijn bord. Ik wist niet wat het allemaal was, dus heb alles maar opgeschept. Het was zoveel dat ik het met moeite op kreeg en uiteindelijk weet ik nog steeds niet wat het nou was, maar het was wel erg lekker! Voer Thanksgiving ook maar in Nederland in.
Tot zover de kalkoen. Aankomend weekend gaan we naar Las Vegas (oh yeah!), dus als ik nu niet heel snel blog over de afgelopen twee weekenden moet ik volgende week nóg meer schrijven en dat is voor jullie ook niet fijn om te lezen. Vandaar dus een haastig blogje uit Riverside, waar we inmiddels weer een nieuwe muis in ons huis hebben mogen verwelkomen. Of muis... De eigenaar van het huis kwam woensdag langs om een val te zetten en had het over ratten (op basis van Esthers aangevreten broodzakje en een keutel uit haar slaapkamer), dus het zal wel een rat zijn. Nadat hij vertrokken was gingen we een film kijken en schrok ik me kapot toen de rat ineens onder de deur door kroop en recht op me afliep. En door bleef lopen, steeds dichterbij. Hij was gigantisch. Pas toen ik uiteindelijk begon te gillen (sorry) keerde hij weer om en rende terug naar de woonkamer. Sindsdien lopen we allemaal een beetje schichtig door het huis, houden onze deuren dicht en zijn weer begonnen met het spannen van de verschrikkelijke muizenvallen. Zucht. Wordt vervolgd.
Qua labwerk heb ik niet al te veel te vertellen. We zijn begonnen met PCR’s om te bepalen welke soorten sluipwespen we gevonden hebben op Hawaï. Moet ik uitleggen wat een PCR doet? Misschien wel hè, voor de niet-biologen onder jullie. Kort door de bocht: we trekken DNA uit sluipwespen, gooien dat bij DNA-bouwstenen en spulletjes die ervoor zorgen dat het DNA wordt gekopieerd. Daar doen we primers bij die alleen op bepaalde DNA-codes hechten en er zo voor zorgen dat alleen bepaalde stukjes worden gekopieerd. Dat gaat in de PCR-machine ervoor zorgt dat de reactie gaat lopen, waarna je een buisje met allemaal stukjes DNA hebt. Die spuit je in een gel, die zet je onder stroom en omdat het DNA negatief geladen is gaat het naar de kant van de positieve pool lopen. Hoe kleiner het DNA, hoe sneller het naar de overkant rent en hoe verder het op de gel komt. En na anderhalf uur kun je zien hoe ver ze zijn en daardoor dus hoe lang ze waren en omdat iedere lengte bij een bepaalde sluipwespensoort hoort weten we wat het is. Ik weet niet of mijn uitleg het duidelijker maakt, maar dat is in ieder geval het idee achter PCRetjes doen. De uitvoering heeft wat meer haken en ogen, want hoewel we vijf paar primers in de mix gooien en dus op vijf soorten wespen testen, krijgen we maar erg weinig bandjes op de gel te zien. Van de meeste wespen weten we dus nog steeds niet welke soort ze zijn. Daarnaast begint de tijd een beetje te dringen: we gaan door tot kerst, daarna hebben we een weekje vrij (waarin we gigantisch veel dingen willen doen in veel te weinig tijd) en dan moeten we alweer naar Nederland… En dan moeten we ook nog eens een verslag schrijven over alles wat we gevonden hebben. Wordt even hard doorwerken dus.
Right. Tot zover het labwerk, over naar de verslagen van de weekenden. Te beginnen met degene die het interessantst zal zijn: Joshua Tree park, waar we afgelopen weekend geweest zijn. We wilden eigenlijk naar het Sequoia National Park, waar de gigantische bomen staan, maar de minimumtemperaturen lagen daar tegen het vriespunt en omdat we geen verstand hebben van sneeuwkettingen en iedereen het ons afraadde daar nu heen te gaan, zijn we de woestijn in getrokken. We huurden een auto, die we zaterdagochtend ophaalden. Toen we echter uit de deur stapten stond er een kille wind en hadden we het koud, dus we zijn eerst de Walgreens binnen gelopen, waar we voor 5 dollar een setje met muts, sjaal en handschoenen kochten. Dat was maar goed ook, want Joshua Tree park ligt dan misschien wel in de woestijn, het ligt ook hoog en het waaide hard. Ik heb mijn jas tot nu toe niet gemist (denk wel dat ik de volgende keer dat ik 4 maanden weg ga een jas ga meenemen), maar was erg blij met mijn dikke UCR-vest. We reden van Riverside naar 29 Palms, waar we het park in reden en, je raadt het al, allemaal Joshua Trees zagen.
Qua labwerk heb ik niet al te veel te vertellen. We zijn begonnen met PCR’s om te bepalen welke soorten sluipwespen we gevonden hebben op Hawaï. Moet ik uitleggen wat een PCR doet? Misschien wel hè, voor de niet-biologen onder jullie. Kort door de bocht: we trekken DNA uit sluipwespen, gooien dat bij DNA-bouwstenen en spulletjes die ervoor zorgen dat het DNA wordt gekopieerd. Daar doen we primers bij die alleen op bepaalde DNA-codes hechten en er zo voor zorgen dat alleen bepaalde stukjes worden gekopieerd. Dat gaat in de PCR-machine ervoor zorgt dat de reactie gaat lopen, waarna je een buisje met allemaal stukjes DNA hebt. Die spuit je in een gel, die zet je onder stroom en omdat het DNA negatief geladen is gaat het naar de kant van de positieve pool lopen. Hoe kleiner het DNA, hoe sneller het naar de overkant rent en hoe verder het op de gel komt. En na anderhalf uur kun je zien hoe ver ze zijn en daardoor dus hoe lang ze waren en omdat iedere lengte bij een bepaalde sluipwespensoort hoort weten we wat het is. Ik weet niet of mijn uitleg het duidelijker maakt, maar dat is in ieder geval het idee achter PCRetjes doen. De uitvoering heeft wat meer haken en ogen, want hoewel we vijf paar primers in de mix gooien en dus op vijf soorten wespen testen, krijgen we maar erg weinig bandjes op de gel te zien. Van de meeste wespen weten we dus nog steeds niet welke soort ze zijn. Daarnaast begint de tijd een beetje te dringen: we gaan door tot kerst, daarna hebben we een weekje vrij (waarin we gigantisch veel dingen willen doen in veel te weinig tijd) en dan moeten we alweer naar Nederland… En dan moeten we ook nog eens een verslag schrijven over alles wat we gevonden hebben. Wordt even hard doorwerken dus.
Right. Tot zover het labwerk, over naar de verslagen van de weekenden. Te beginnen met degene die het interessantst zal zijn: Joshua Tree park, waar we afgelopen weekend geweest zijn. We wilden eigenlijk naar het Sequoia National Park, waar de gigantische bomen staan, maar de minimumtemperaturen lagen daar tegen het vriespunt en omdat we geen verstand hebben van sneeuwkettingen en iedereen het ons afraadde daar nu heen te gaan, zijn we de woestijn in getrokken. We huurden een auto, die we zaterdagochtend ophaalden. Toen we echter uit de deur stapten stond er een kille wind en hadden we het koud, dus we zijn eerst de Walgreens binnen gelopen, waar we voor 5 dollar een setje met muts, sjaal en handschoenen kochten. Dat was maar goed ook, want Joshua Tree park ligt dan misschien wel in de woestijn, het ligt ook hoog en het waaide hard. Ik heb mijn jas tot nu toe niet gemist (denk wel dat ik de volgende keer dat ik 4 maanden weg ga een jas ga meenemen), maar was erg blij met mijn dikke UCR-vest. We reden van Riverside naar 29 Palms, waar we het park in reden en, je raadt het al, allemaal Joshua Trees zagen.
Dit is 'm dus, de Joshua Tree.
En dat zijn wij dus, bij de Joshua Trees.
Ik weet niet echt wat voor bomen het zijn, maar ze fleurden de woestijn wel op met hun rare vormen. Ik was degene die de meiden door de woestijn reed, wat een erg leuk ritje was.
Iedere bocht zagen we nieuwe dingen en we kwamen maar weinig andere mensen tegen. Samen met het feit dat halverwege het park geen radiozenders meer te ontvangen waren, gaf ons dat echt het gevoel dat we met z’n vieren in een enorme woestijn waren. Maar zoals ik al zei was het erg koud, dus we reden van fotogeniek plekje naar fotogeniek plekje, waar we na de foto weer snel de warme auto in doken en verder reden. We maakten een wat langere stop bij een uitzichtpunt, waar we Mexico zouden moeten kunnen zien liggen, maar wat zo hoog lag en waar het zo hard waaide dat we het veel te druk hadden met bibberen en wegduiken voor de wind om Mexico te zoeken.
We reden van noord naar zuid door het park heen en zagen zo heel goed de overgang van de Mojave Desert, met de Joshua Trees, naar de Colorado Desert, een kale, dorre boel met wat cactussen. Hoe verder zuidelijker we kwamen, hoe meer de woestijn ons aan een echte woestijn (of Mars?) deed denken. Op een gegeven moment ontvingen we alleen nog Mexicaanse radiozenders, wat heel apart was (het was toch zeker nog 100 kilometer naar de grens), en toen waren we het park uit.
Mojavewoestijn.
Coloradowoestijn. En dan een cactustuintje, de rest van dat deel was een stuk kaler.
Ik reed door naar Salton Sea, een of ander zoutmeer in de buurt van de zuidkant van het nationaal park, waar we uitstapten en op de zonsondergang wachtten. Ik probeerde de pelikanen op de foto te krijgen en ben uiteindelijk maar foto’s gaan maken van de gigantische hopen dode vissen waar we op liepen. Het meer was een ecologische ramp volgens het boekje van Francine, maar wat er nou zo rampzalig was (behalve de dikke laag dode vissen) werd me niet helemaal duidelijk. Mijn doel was een artistieke foto van een vissenlijk, maar alleen omdat de pelikanen steeds wegvlogen. Nadat de zon ondergegaan was reden we terug naar huis.
De volgende ochtend gingen we weer vroeg op weg, dezelfde kant op. We reden nog een klein rondje door een hoekje van Joshua Tree park dat we nog niet gezien hadden en vervolgens gingen we door de woestijn in, over lange wegen waar niemand reed en niemand woonde.
We kwamen door spookplaatsjes waar alle huizen leegstonden en ramen dichtgetimmerd waren. We reden dwars over een zoutvlakte, waar we helaas de auto niet aan de kant van de weg konden zetten voor een fatsoenlijke foto. We gingen langs een dode vulkaan.
De zoutvlakte.Ik reed over Route 66, die niet meer gebruikt wordt, behalve door toeristen die er graag overheen willen rijden. Het was een mooie weg, tot de nieuwe snelweg er parallel aan kwam te liggen en men blijkbaar besloten had om Route 66 niet meer te onderhouden. Toen reed ik met 55 mijl per uur om kuilen heen te slingeren, wat nog wel ging, tot het asfalt over leek te gaan in grint en we uit pure ellende toch maar de snelweg op gingen.
Inmiddels hadden Francine en Esther gevonden dat er een of ander spookstadje tegen de bergen lag en zijn we daar heen gereden. Calico Ghost Town bleek zo goed opgeknapt te zijn dat het niet meer op een spookstadje leek, maar op een winkelstraatje in Wild West-stijl. We hebben er een tijdje rondgelopen, foto’s gemaakt, door een mijntunneltje gelopen maar kregen niet het gevoel in een echt oud stadje te zijn. Na een beker warme Starbucks met Gingerbreadsmaak (gewoon omdat het kon) ging de zon weer onder en reden we weer naar huis.
Het weekend dáárvoor was het niet koud, maar hartstikke warm. We hadden een lang weekend, omdat Thanksgiving op donderdag was en gevolgd werd door Black Friday (wat geen feestdag is, maar de dag dat alle winkels sale hebben en iedereen vrij is en in de shopping centers te vinden is… een soort Tweede Paasdag dus). Arisca, Esther en ik huurden een auto en reden in het kader van onvervulde kinderwensen naar Disneyland, waar we met een driedaags parkhopperkaartje drie dagen lang konden genieten van Disneyland, Disney California Adventure Park en Downtown Disney. We kwamen er op vrijdag om tien uur ’s ochtends aan, precies op het moment dat het California Adventure Park open ging. We gingen in achtbanen, schoten op 3D-figuurtjes in de Toy Story-attractie, kregen natte kleren in de wildwaterbaan en droogden op bij de Aladdinmusical.
We bleven tot sluitingstijd in het park, tegen tien uur ’s avonds, waarna we naar een motel reden en bekaf in slaap vielen. De volgende ochtend stonden we weer vroeg op, want we wilden met openingstijd in Disneyland zijn… En Disneyland opent om acht uur ’s ochtends.
We bleven er tot twaalf uur ’s nachts, toen het park eindelijk dichtging. We deden alles wat we zo graag hadden willen doen toen we jong waren en gingen als kleine meisjes op de foto met Minnie Mouse, Donald Duck, Goofy en Knabbel/Babbel. We keken onze ogen uit bij Pirates en the Haunted Mansion. We kregen natte kleren in Splash Mountain, maar dat maakte niet uit want het was warm. Toen we in de Space Mountain wilden was hij net weer open gegaan nadat hij even kapot was geweest (de man aan wie ik het vroeg zei dat de raket moest tanken, zucht) waardoor we niet hoefden te wachten. We kregen voorrang bij de Star Wars-attractie omdat iemand veel geld had betaald voor voorrangskaartjes en vervolgens vroeg naar huis ging omdat haar kind in slaap gevallen was. We keken naar Disneys kerstparade, die een beetje teniet werd gedaan door het feit dat de zon scheen en het 30 graden was. We aten suikerspinnen, kaneelstokken, pizza en hamburgers.
’s Avonds keken we naar de vuurwerkshow, die afgesloten werd met kunstsneeuw en liepen snel door naar de show op het water, waar een piratenschip en stoomboot vol Disneyfiguren langsvoer en we een licht- en waterspektakel zagen en Mickey uiteindelijk een draak versloeg.
De volgende ochtend stonden we wéér om acht uur ’s ochtends in Disneyland, waar we de attracties afgingen die we de vorige dag niet konden doen, de leuke attracties nog een keer deden en doorgingen naar California Adventure, waar we hetzelfde deden. We lieten ons naar beneden vallen in op hol geslagen liften, werden weggeschoten in een achtbaan, gingen nog een keer naar de musical van Aladdin, keken nog een keer naar het vuurwerk en de watershow en gingen toen maar naar huis… Met het gevoel alles uit ons 3-daagse ticket gehaald te hebben.
Mijn romantische momentje met Knabbel of Babbel.
Achteraf is het misschien maar goed dat we als kinderen nooit geweest zijn, want dan hadden we het nooit drie dagen lang van acht uur ’s ochtends tot twaalf uur ’s nachts volgehouden. Anyway, hier nog wat achtbaangezichten:
Het begin van een vrije val. Geweldig ding!
Splash Mountain. We zijn ervan overtuigd dat er iets mis was met dit bootje, want al na de eerste splash waren we tot op ons ondergoed doorweekt. En toen kwamen er nog een paar. Deze foto wordt aan het begin van de laatste splash gemaakt, als je koud en doorweekt bent en je afvraagt hoe het met de spullen in je rugzak is. Gelukkig waren we zo slim geweest om de Tomtom, onze telefoons en het boek dat ik net gekocht had in te pakken in plastic zakken...
:'') Space Mountain was niet zo eng als mijn gezicht doet vermoeden hoor.
Dus. Einde achtbaangezichten. Ik ga mijn tas inpakken voor Las Vegas, bye!
Leuke foto´s!
BeantwoordenVerwijderenEm heb je geen jas bij je?!?! Vermoedelijk ben ik de laatste die daar achter komt, of heb ik het wel geweten maar ben ik het alweer vergeten.
BeantwoordenVerwijderenWat een gave foto van jou op die rots met dat uitzicht (bij het Joshua Trees stukje)! En wat een rijervaring doe je op zo, nu komt je rijbewijs erg goed van pas :)
Starbucks met gingerbreadsmaak klinkt goed :o :D
En wat een weer, 30 graden?!?!
Maar... al die attractiefoto's, kosten die in Amerika niet 5 dollar per stuk zoals hier?
Have fun in Vegas!
Liefs
Lieve Em,
BeantwoordenVerwijderenWat heb je toch een rotleven! Ik zit dat zo eens te lezen, en foto's te kijken.. En gatver, ik zou echt niet willen ruilen! Of toch?! ;) Haha, supergaaf allemaal! Ik ben zó benieuwd naar je LIVE verhalen! Ik heb zin in Sinterklaas :D Ik heb zin om je weer te zien Em!!! Heel veel plezier nog daar, en tot gauw.
x Jet